26 Jan 2021
blog

Aansprakelijkheid curator

Blog

In een recent arrest van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2021:36) van 8 januari 2021 is een uitspraak gedaan over de aansprakelijkheid van een faillissementscurator. De curator heeft een actieve zorgplicht ten opzichte van de failliet geschonden: de curator had zich moeten vergewissen dat de failliet de gevolgen van afkoop van levensverzekeringspolissen overzag.

Kortgezegd gaat de casus over het volgende:

 

X is actief geweest als assurantietussenpersoon en gaat in 2013 privé failliet. Er staan twee levensverzekeringen op zijn naam en de curator geeft aan dat hij deze wil gaan afkopen. Hierover wordt enige tijd tussen de curator en X gecorrespondeerd, waarbij X duidelijk laat weten dat hij de levensverzekeringen graag zou willen voortzetten om zijn pensioenvoorziening te behouden. Daarbij speelt mee dat afkoop leidt tot een belastingheffing van 52 procent zodat slechts 48 procent zou vrijvallen aan de boedel. X vindt zijn echtgenote bereid om een bedrag gelijk aan deze 48 procent aan de boedel te vergoeden in ruil voor overdracht van de polissen. X en de curator bereiken ook overeenstemming hieromtrent, en de rechter-commissaris verleent toestemming. 

 

Nadien ontstaat discussie tussen X en de curator over de vraag of de curator wel zorgvuldig heeft gehandeld door hem (X) niet te informeren en waarschuwen dat het ten behoeve van de boedel te gelde maken van de levensverzekeringspolissen niet verplicht was omdat ófwel artikel 21 lid 7 Fw bepaalt dat een dergelijke polis buiten de boedel valt ófwel artikel 22a Fw bepaalt dat aan afkoop van een dergelijke polis ten behoeve van de boedel voorwaarden zijn verbonden. In dat kader is relevant of X door afkoop of overdracht niet onredelijk wordt benadeeld, bijvoorbeeld omdat dan de volledige oudedagsvoorziening wegvalt. Als dat het geval is, zo bepaalt artikel 22a Fw, dan valt de levensverzekering buiten de boedel. 

 

De rechtbank geeft X gelijk en oordeelt dat de curator de zorgvuldigheidsnorm heeft geschonden door niet expliciet met X de gevolgen van overdracht van de polissen voor het toekomstig levensonderhoud van X te bespreken. Het hof oordeelt anders en overweegt onder meer dat nu X zelf als assurantietussenpersoon deskundig was op het terrein van levensverzekeringen en lijfrentes, de curator niet onrechtmatig heeft gehandeld door X niet eigener beweging over de gevolgen van afkoop of overdracht van de polissen te informeren. 

 

In cassatie oordeelt de Hoge Raad uiteindelijk dat van de curator kan worden verlangd dat hij zich er van vergewist dat de schuldenaar een juiste voorstelling van zaken heeft en dat hij de schuldenaar op zijn rechten ten aanzien van die verzekering wijst. (…) dat de curator (…) had moeten begrijpen dat X zich er mogelijk niet van bewust was dat ingevolge artikel 22a Fw de door X beoogde instandhouding van de levensverzekeringen ook zonder overdracht gewaarborgd zou kunnen worden, en dat de curator hem daarop had moeten wijzen (…). 

 

Wat betekent dit nu voor de praktijk? 

Heel concreet: In het geval zich een levensverzekering in de boedel bevindt, dan moet de curator de gevolgen daarvan voor de oudedagsvoorziening van de begunstigde nagaan én bespreken. Doet de curator dit niet, dan handelt hij mogelijk onzorgvuldig en daarmee onrechtmatig, en zou de curator aansprakelijk kunnen zijn voor de schade die de begunstigde lijdt. Opvallend is dat de Hoge Raad in dit arrest niets zegt over de omstandigheid dat de schuldenaar in deze casus in meer of mindere mate deskundig was op het gebied van levensverzekeringen. Blijkbaar is dat voor het bepalen van de normschending dan ook niet relevant.

 

In het arrest van de Hoge Raad was de curator q.q., en daarmee de faillissementsboedel, procespartij en speelde geen pro se (privé) aansprakelijkheid. De vraag is of een normschending als hier aan de orde zich niet (ook) zou lenen voor een persoonlijke aansprakelijkheid van de curator. De maatstaf daarvoor is de veelbesproken Maclou-norm: Een curator behoort te handelen zoals in redelijkheid mag worden verlangd van een over voldoende inzicht en ervaring beschikkende curator die zijn taak met nauwgezetheid en inzet verricht. In het arrest Prakke/Gips uit 2011 heeft de Hoge Raad deze norm nader ingevuld door te overwegen dat voor persoonlijke aansprakelijkheid vereist is dat de curator ook persoonlijk een verwijt kan worden gemaakt van zijn handelen en hij het onjuiste van zijn handelen inzag dan wel redelijkerwijze behoorde in te zien. 

 

Verdedigbaar is wat mij betreft dat nu de curator niet is nagegaan of de gevolgen van de afkoop en overdracht van de verzekeringspolissen voor de oudedagsvoorziening bij de schuldenaar bekend waren, terwijl dat wel in de ratio van artikel 22a Fw besloten ligt, de curator redelijkerwijze het onjuiste van zijn handelen in ieder geval had behoren in te zien. Een pro se aansprakelijkheid ligt dan in de rede.

 

Keywords

Aansprakelijkeidsrecht
Aansprakelijkheid curator
Faillissement
Insolventierecht
Levensverzekering
Zorgvuldigheid

Auteur(s)

Bart Louwerier

Advocaat en partner bij Van Iersel Luchtman NV.

LinkedIn